Wie doet er mee in Oost? Onderzoek studenten Inholland

Migranten in Haarlem Oost willen wel meedoen aan activiteiten in de wijk, maar weten onvoldoende wanneer die plaats vinden of doen niet mee, omdat de Nederlandse vergadercultuur niet past bij hun achtergrond en interesses. Dat blijkt uit een onderzoek van studenten van de School of Social Work van Hogeschool Inholland Diemen in opdracht van de Stedelijke Adviesraad Multiculturele Stad Haarlem (SAMS).

Lees hieronder de samenvatting van het onderzoek of haal samenvattende artikel op. (Bestand downloaden)

Onderzoek ‘participatie van migrantenburgers in Haarlem Oost’ onderzoek van studenten van de School of Social Work van Hogeschool Inholland Diemen.

Haal hier het complete onderzoek op.

(Bestand downloaden)

De SAMS heeft de studenten gevraagd het onderzoek uit te voeren in het kader van een adviesaanvraag van het college van burgemeester en wethouders over de participatie van migranten in activiteiten in Haarlem Oost. Het blijkt dat in dit deel van Haarlem allochtonen weinig deelnemen aan activiteiten in de wijk. Zevenentwintig procent van de inwoners in Haarlem Oost is allochtoon, maar dat hoge aandeel in de bevolking heeft zich nog niet vertaald naar deelname aan activiteiten. De gemeente wil graag weten op welke manier die participatie verbeterd kan worden.

De studenten hebben in hun onderzoek gekeken naar de informatievoorziening in de wijk, de wensen en behoeften van de wijkbewoners, maatschappelijke voorzieningen en de woon- en leefomgeving. Daaruit moet duidelijk worden op welke manier de migranten hun woonomgeving zien en hoe ze het liefst geďnformeerd worden over activiteiten in hun wijk.

Om erachter te komen waardoor bewoners van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst zich weinig laten zien bij activiteiten, hebben de studenten gesprekken gevoerd in de wijk. In drie gespreksronden hebben ze eerst individuele gesprekken gevoerd met mannen en vrouwen van deze vier groepen in de wijk, vervolgens met sleutelfiguren en aan het eind hebben de studenten groepsgesprekken gevoerd met de Turkse mannen, Marokkaanse mannen en sleutelfiguren samen.

Geen vergadercultuur

Het onderzoek toont aan dat veel allochtone wijkbewoners graag bij de activiteiten in de buurt betrokken willen zijn, maar dat de informatie hen niet altijd bereikt. Om allochtone wijkbewoners bij de wijk te betrekken en ze actief te laten participeren is het belangrijk dat de verschillende groepen direct worden aangesproken. Nederlanders kennen een vergadercultuur en dat sluit niet aan bij de cultuur van de verschillende migrantengroepen. Zij kennen een doe-cultuur. Om hen meer te betrekken werkt het volgens de deelnemers aan het onderzoek beter om leuke activiteiten te koppelen aan bijeenkomsten. De meeste deelnemers aan het onderzoek laten weten wel naar activiteiten te willen komen, maar geen zin te hebben om ze mee te organiseren.

Bij participatie draait het om meer dan alleen sociale activiteiten in de wijk. Participatie betekent ook dat wijkbewoners door deelname aan activiteiten in hun buurt eenvoudiger in contact komen met de gemeente en in staat zijn om op buurtniveau invloed uit te oefenen op het beleid van de gemeente. Dat draagt op zijn beurt  bij aan  meer begrip, meer betrokkenheid en meer draagvlak voor het beleid van de gemeente. Daarom is het belangrijk dat de verschillende groepen op een juiste manier worden aangesproken.

Gebrek aan informatie

De uitkomsten van deze drie gespreksronden maken duidelijk dat de lage participatie van de verschillende migrantengroepen niet te wijten is aan een gebrek aan interesse in de Nederlandse samenleving. Wel staat een gebrek aan informatie over de verschillende activiteiten deelname in de weg. Verspreiding van informatie gaat vooral via mond-tot-mond reclame en via die centra in de buurt waar de bewoners wel naartoe gaan.

Het gaat hierbij om activiteiten in het moedercentrum Doenja, het Broederhuis, de moskee en het buurtcentrum Hamelink. Wanneer zijzelf of hun kinderen die centra bezoeken, dan zijn zij ook eerder geneigd om aan andere activiteiten deel te nemen. De verschillende groepen laten weten dat ook de wijkkrant een belangrijke rol kan spelen in de informatievoorziening. Internet is minder geschikt, omdat een groot aantal mensen niet weet geleerd heeft te werken met een computer of niet weet waar ze op internet moeten zoeken.

De migranten in Haarlem Oost laten weten tevreden zijn over het leven in hun wijk. Ze zien Haarlem Oost als een echte volksbuurt, ondanks de culturele diversiteit in dit deel van Haarlem. Buren groeten elkaar en daarbij speelt het verschil in achtergrond geen grote rol. Dat zeggen vooral de vrouwen die hebben meegedaan aan het onderzoek. Ze vinden wel dat er meer activiteiten voor jongeren en kinderen in de wijk georganiseerd moeten worden. Ook een speelplek voor jongeren staat op het verlanglijstje van deze vrouwen. De speeltuin die er is, is te weinig open om als vaste spelplek voor kinderen uit de buurt te functioneren. Ook zwerfvuil, gebrek aan groen en overlast van hangjongeren  zijn ergernissen in de wijk.

Een leven binnenshuis

Uit de gesprekken blijkt dat vrouwen in het algemeen vaker deelnemen aan activiteiten in de wijk dan mannen. Ze krijgen hun informatie via mond-tot-mond reclame, folders in de buurtcentra en via kranten. Veel van de ondervraagde vrouwen zijn ontevreden over het aanbod van activiteiten in hun wijk. Er is te weinig te doen en de aard van de activiteiten strookt niet met hun interesses. Nederlands-Marokkaanse vrouwen doen minder vaak dan andere migrantenvrouwen mee aan activiteiten in de wijk. Hun leven speelt zich vooral binnenshuis af, waar de zorg voor kinderen en het huishouden hun dagritme bepaalt.

 Een aantal Turkse mannen heeft laten weten dat de informatie over activiteiten in de wijk ook verspreid kan worden in een activiteitenkalender, waarin alle activiteiten voor het komende halfjaar staan vermeld. Vooral de Marokkaanse en Surinaamse mannen geven aan dat ze door hun drukke werk weinig tijd over hebben om deel te nemen aan activiteiten in de wijk. Surinaamse en Antilliaanse mannen hebben daarnaast weinig interesse in de activiteiten in hun wijk. Marokkaanse mannen zoeken, evenals Turkse mannen, hun ontspanning veel meer in de activiteiten die in de moskee worden georganiseerd dan in de activiteiten in het buurtcentrum in de wijk waar ze wonen. Wel geven de mannen aan dat ze behoefte hebben aan een centrum in de buurt waar ze elkaar kunnen ontmoeten. De activiteiten in de moskee waarderen ze, maar er zou meer variëteit in mogen zitten.

Bewoners die actief meedoen in de wijk, dragen bij aan een prettiger leefklimaat, oftewel de sociale cohesie. Deze wijkbewoners weten bovendien sneller de weg te vinden naar hulp in de wijk en komen minder snel in een sociaal isolement terecht. Kennis van de Nederlandse taal is belangrijk, omdat zo onderlinge contacten eenvoudiger ontstaan. Het actief benaderen van de diverse groepen om deel te nemen aan activiteiten kan helpen om de participatie te vergroten. Een belangrijk neveneffect is daarbij dat actief participerende wijkbewoners eenvoudiger door de gemeente bereikt worden, waardoor niet alleen de sociale cohesie in de wijk wordt versterkt, maar ook het draagvlak voor het beleid van de gemeente groter wordt.  

Dit artikel is een samenvatting van het rapport ‘Participatie van migrantenburgers in Haarlem Oost’ een onderzoek van studenten van de Hogeschool INHOLLAND in opdracht van de Stedelijke Adviesraad Multiculturele Stad (SAMS Haarlem).

Het gemeentebestuur heeft de SAMS om advies over de participatie van allcohtone inwoners op wijknivaue gevraagd. Het onderzoek was de eerste stap in dit adviestraject. De tweede stap was een rondetafelbijeenkomst die op woensdagavond 28 oktober heeft in het Reinaldahuis in Haarlem Oost plaatsvond. De SAMS beired nu het advies voor.



Lees meer over de onderwerpen: Haarlem, debat, Participatie.
Reacties op dit artikel

Reageer op dit artikel
Naam (verplicht)

Email (verplicht)

Reactie

Typ de 2 woorden over